Titel
Beschrijving
Druk op Shift+ENTER om het menu te openen (nieuw venster)
  
  
Bewerken
1. LOKAAL WOONBELEID COÖRDINEREN
 
A. INTERNE ORGANISATIE / COÖRDINATIE VAN HET WOONBELEID
 
B. OVERLEG
 
Lokaal woonoverleg

Wanneer noodzakelijk wordt een vergadering lokaal woonoverleg gehouden. Tijdens die vergaderingen wordt onder meer de stand van zaken m.b.t. de sociale woonprojecten besproken. Bedoeling is om de vinger aan de pols te houden waar het om sociale en of gemengde projecten woonprojecten gaat en bij te sturen wanneer dit nodig is.

Naast de schepen bevoegd voor huisvesting en de woonbeleidscoördinator vanwege stad, is er een vertegenwoordiging van de sociale huisvestingsmaatschappijen, van de Westvlaamse intercommunale en van het OCMW. Ook het diensthoofd van Wonen West-Vlaanderen woont de vergaderingen bij.

 
Lokale woonraad

De lokale woonraad bestaat sinds de jaren 90, eerst onder het voorzitterschap van de burgemeester, later onder de schepen bevoegd voor huisvesting.

Het gaat om een zeer brede waaier van actoren op de huisvestings-/woonmarkt. Een overzicht van de samenstelling zoals goedgekeurd door het college van burgemeester en schepenen op 28 januari 2019:

de leden van het lokaal woonoverleg; een vertegenwoordiging van de gemeentelijke raden die betrokken kunnen worden bij het
woonbeleid (zoals jeugd, senioren, kansarmen, ...); koepelorganisaties betrokken bij het woonbeleid (zoals de vastgoedorganisaties, het
notariaat); stadsdiensten met een link naar het woonbeleid (zoals welzijn, lokale economie, leefmilieu,
studiedienst, ruimtelijke ordening…); organisaties die expert zijn in een voorgelegd agendapunt.

Alles rond huisvesting en wonen kan geagendeerd worden.

De stedelijke woonraad heeft een adviserende rol.

 
Overleg andere actoren

vanuit de woonraad ontstaan verschillende ad hoc werkgroepen. Zo is er een werkgroep die de links legt naar welzijn, een werkgroep die zich toespitst op duurzaamheid en is er gestructureerd overleg om verschillende beleidsplannen op elkaar af te stemmen.

 

 
C. SAMENWERKINGSVERBANDEN