Gebiedsgerichte werking/wijkmanagement
De gebiedsgerichte werking zoals die door de dienst wijkontwikkeling wordt vorm gegeven situeert zich binnen drie beleidsdomeinen met name Wonen, Welzijn en stadsprojecten.
De Dienst Wijkontwikkeling heeft tot opdracht om in samenspraak en samenwerking met de wijkbewoners, de betrokken organisaties en stedelijke diensten de evenwichtige ontwikkeling van de wijken op te volgen, behoeften te detecteren en actievoorstellen te formuleren, te introduceren en waar nodig zelf te implementeren. Verder dient de dienst wijkontwikkeling de actieve participatie, zelfredzaamheid en de zelfverantwoordelijkheid van de wijkbewoners aan hun eigen woon- en leefomgeving en de gehele Genkse samenleving te stimuleren en te activeren.
Vanuit de missie en rekening houdend met de strategische doelstelling “werken aan leefbare wijken” wordt de finaliteit van wijkontwikkeling nadrukkelijk gelinkt aan de verbetering van de fysieke en sociale leefbaarheid van de Genkse wijken, de verbetering van de sociale cohesie en aan de participatie en betrokkenheid van de burger.
Mede door de koppeling met het hele woonbeleid in het stedenfondsbeleidsprogramma en in de meerjarenbeleidsplanning krijgt wijkontwikkeling dan ook een nadrukkelijke opdracht en positie binnen dit bredere beleidsveld. Met wijkontwikkeling wordt bij uitstek voor een horizontale benadering gekozen die vanuit een territoriaal perspectief kijkt naar de wijk in zijn geheel. Dwarsverbanden leggen met andere beleidssectoren op stedelijk niveau en sterke netwerken uitbouwen met alle mogelijke partners op wijkniveau zijn in deze aanpak van primordiaal belang.
Werken aan de sociale en fysieke leefbaarheid van wijken veronderstelt niet altijd het plannen van nieuwe structurele ingrepen. Het bestaande wijkinstrumentarium (buurttoezichters, buurtwerkplaatsen…) laat toe om verschillende knelpunten kort na melding op te lossen.
Daar waar de individuele achterstelling van grote groepen bewoners ingrijpt op de leefbaarheid van de hele buurt zal wijkontwikkeling ook nadrukkelijk partner zijn om vanuit een collectieve benadering en in samenwerking met het OCMW te zoeken naar oplossingen. Ook andere welzijnsactoren zullen worden betrokken. In die zin zal de extra aandacht voor de impulswijken zich vertalen in een intensievere benadering met duidelijke linken naar deze meer individuele achterstellingfactoren ( tewerkstelling, onderwijs, opvoeding, taal…).
De noodzakelijke extra aandacht voor de moeilijkst bereikbare doelgroepen vergt bijkomende inspanningen. Hiervoor doen we beroep op externe buurtwerkorganisaties die we gericht inzetten in de impulswijken. Zij dienen nadrukkelijk te werken rond : ontmoeting, betrokkenheid van de moeilijkst bereikbare doelgroepen, en vorming, en schakelen zich in de bredere wijkontwikkelingsaanpak in.
In de impulswijken neemt de wijkmanager een coördinerende functie op zich zonder dat er sprake is van een hiërarchisch verband. Hoe sterker de positie en de netwerken van de wijkmanager zijn uitgebouwd hoe sterker zij/hij deze coördinerende rol zal kunnen opnemen.
Daarenboven heeft wijkontwikkeling een nadrukkelijke opdracht als het gaat over de betrokkenheid en participatie van burgers aan het wijkgebeuren en aan de hele Genkse samenleving. Binnen het huidige maatschappelijk bestel met zijn tendens naar individualisering komen termen zoals gedeelde verantwoordelijkheid ,zelfverantwoordelijkheid en sociale cohesie onder druk. Door hun grondige kennis van de wijken en de wijkbewoners zijn de wijkmanagers goed geplaatst om bewoners te stimuleren, aan te jagen om eigen verantwoordelijkheid op te nemen mbt gedeelde bekommernissen (in casu vaak de eigen woonomgeving) .
Dienst wijkontwikkeling : 089 65 43 10
wijkontwikkeling @genk.be